Thuisbatterij kopen op basis van capaciteit: kWh-gids
Meer kWh betekent niet automatisch een betere keuze. In deze gids leer je hoe je de juiste batterijcapaciteit bepaalt op basis van jouw eigen verbruikspatroon, van de vier gangbare bandbreedtes (5, 10, 15 en 20 kWh) tot welk profiel bij welk huishouden past. Zo voorkom je dat je betaalt voor opslag die je nooit gebruikt.


Belangrijkste inzichten
Dubbele capaciteit betekent niet automatisch dubbel zoveel voordeel: jouw verbruikspatroon bepaalt welke kWh-klasse je écht nodig hebt.
Dubbele capaciteit betekent niet automatisch dubbel zoveel voordeel: jouw verbruikspatroon bepaalt welke kWh-klasse je écht nodig hebt.
Een tweepersoonshuishouden en een gezin met laadpaal en warmtepomp hebben een compleet ander batterijprofiel en vragen om een andere keuze.
Inleiding
Stel: je hebt 12 zonnepanelen op het dak, je energierekening is gedaald, maar 's avonds koop je nog steeds stroom in tegen het volle tarief. Een thuisbatterij lijkt de logische volgende stap. Je duikt in datasheets, rekent prijzen per kWh uit en vergelijkt een 5 kWh-model met een 10 kWh-variant. En dan blijf je hangen. Want is dubbel zoveel capaciteit ook dubbel zo nuttig? Of betaal je voor opslag die je nooit gebruikt?
Het antwoord zit niet in de specificaties van de batterij. Het zit in jouw verbruikspatroon, je woonsituatie en de opbrengst van je panelen. Een tweepersoonshuishouden zonder elektrische auto heeft een compleet ander profiel dan een gezin van vier met een laadpaal en een warmtepomp. Toch krijgen beide vaak hetzelfde advies.
In deze gids lees je hoe je de juiste kWh-capaciteit kiest op basis van je werkelijke thuisbatterij verbruik, niet op basis van marketingclaims. We lopen de vier meest voorkomende bandbreedtes door (5, 10, 15 en 20 kWh) en koppelen die aan herkenbare huishoudens. Zo weet je aan het eind welke thuisbatterij bij jou past, en waarom meer kWh niet automatisch beter is.
Wat capaciteit echt betekent in de praktijk
Op productpagina's prijken vaak indrukwekkende getallen: 10 kWh, 15 kWh, soms 20 kWh. Dat lijkt eenduidig, maar wie de kleine letters leest, ziet al snel twee verschillende waardes opduiken: nominale capaciteit en bruikbare capaciteit. Het verschil tussen die twee bepaalt wat je daadwerkelijk uit je batterij haalt.
Nominaal versus bruikbaar: waar zit het verschil?
De nominale capaciteit is de totale hoeveelheid energie die de batterijcellen in theorie kunnen bevatten. Maar geen enkele moderne lithium-batterij wordt volledig leeggetrokken, want dat verkort de levensduur drastisch. Daarom werkt elke fabrikant met een Depth of Discharge (DoD): het percentage van de totale capaciteit dat je veilig mag gebruiken.
Een voorbeeld maakt het concreet. Stel je koopt een batterij met een nominale capaciteit van 10 kWh en een DoD van 90%. Dan is de bruikbare capaciteit 9 kWh. Die overige 1 kWh blijft als buffer achter om de cellen te beschermen. Bij sommige goedkopere modellen ligt de DoD op 80%, waardoor je van een 10 kWh-batterij maar 8 kWh overhoudt. Bij premium systemen zie je soms 95% of zelfs 100% DoD, omdat de fabrikant de buffer al heeft verwerkt in de opgegeven capaciteit.
De les: vergelijk nooit nominale getallen onderling. Vraag altijd naar de bruikbare capaciteit in kWh.
Rendementsverlies bij laden en ontladen
Er is nog een tweede factor die mensen vaak over het hoofd zien: de round-trip efficiency. Elke keer dat je stroom in de batterij stopt en er weer uithaalt, gaat een deel verloren als warmte in de omvormer en de cellen. Bij hedendaagse thuisbatterijen ligt dit rendement tussen de 85% en 95%.
Reken het door: stop je 9 kWh in een batterij met 90% rendement, dan houd je netto 8,1 kWh over om je woning mee te voeden. Op jaarbasis tikt dat aan. Bij een batterij die je dagelijks volledig cyclet, praat je over honderden kWh die verdampen in conversieverlies. Het is geen reden om af te zien van opslag, want de besparing op netstroom is doorgaans veel groter, maar het beïnvloedt wel welke capaciteit voor jou logisch is.
Capaciteit is geen doel op zich
Wat betekent dit nu in de praktijk? Een batterij van 10 kWh nominaal levert je realistisch zo'n 8 tot 8,5 kWh aan werkelijk bruikbare stroom per cyclus. Dat klinkt minder spectaculair dan het etiket, maar het is wel het cijfer waarmee je moet rekenen.
En precies daar komt de volgende vraag om de hoek: hoeveel kWh wil je eigenlijk overbruggen? Want pas als je weet wat je 's avonds, 's nachts en op een bewolkte dag verbruikt, weet je welke bruikbare capaciteit past bij jouw situatie. Daar duiken we in de volgende sectie in.
Jouw dagelijks verbruik als startpunt
De grootste valkuil bij het kiezen van een thuisbatterij? Kijken naar wat de buurman heeft geïnstalleerd. Of wat de installateur "meestal adviseert". Die getallen zeggen niets over jouw situatie. Wie zinvol wil rekenen aan opslagcapaciteit, begint bij het eigen stroomverbruik. Niet bij de specs van een product.
Referentiecijfers per huishoudtype
Volgens CBS StatLine ligt het gemiddeld stroomverbruik huishouden in Nederland ruwweg in deze bandbreedtes:
- Alleenstaande: circa 1.600 kWh per jaar
- Tweepersoons huishouden: 2.500 tot 3.000 kWh per jaar
- Gezin (3-4 personen): 3.500 tot 4.500 kWh per jaar
- Gezin met warmtepomp of elektrische auto: 6.000 kWh per jaar of meer
- Gezin met warmtepomp én laadpaal: vaak 8.000 tot 12.000 kWh per jaar
Die laatste categorie is de afgelopen jaren sterk gegroeid. Een doorsnee elektrische auto verbruikt al snel 3.000 tot 4.000 kWh per jaar als je hem thuis oplaadt. Een lucht-water warmtepomp voegt daar nog eens 2.000 tot 4.500 kWh aan toe, afhankelijk van de woningisolatie. Het verbruik per huishoudtype is dus niet langer een vast gegeven, maar hangt sterk af van hoe ver je in de energietransitie zit.
Je dagverbruik berekenen
De simpelste manier om je dagverbruik berekenen in kWh: pak je jaarafrekening en deel het totaal door 365. Een gezin met 4.000 kWh per jaar zit gemiddeld op ongeveer 11 kWh per dag. Houd er rekening mee dat dit een gemiddelde is. In de winter verbruik je vaak het dubbele van een zomerdag, zeker met een warmtepomp.
Wil je preciezer zijn, dan kun je de slimme meter uitlezen via je energieleverancier-app of een uitleessysteem als HomeWizard of P1-monitor. Daar zie je per uur (en soms per minuut) wat er door je woning stroomt. Vooral interessant: het verschil tussen dagverbruik en avondverbruik. Want voor een thuisbatterij is alleen het verbruik buiten de zonuren relevant. Stroom die je overdag direct uit je panelen haalt, hoeft niet door de batterij heen.
Basislast versus piekmomenten
Een laatste stuk dat veel mensen onderschatten: het verschil tussen basislast en piekverbruik. Je basislast is wat er continu loopt - koelkast, modem, standby-apparaten, ventilatie. Bij een gemiddeld gezin ligt die rond de 200 tot 400 watt. Over 24 uur gerekend praat je dan al over 5 tot 10 kWh die je sowieso opmaakt, ongeacht wat je verder doet.
Daar bovenop komen de pieken: het koken om zes uur, de wasdroger op zaterdagmiddag, de auto die 's nachts laadt. Die pieken bepalen niet alleen je totale verbruik, maar ook het vermogen (kW) dat je batterij moet kunnen leveren. Een batterij van 10 kWh die slechts 2,5 kW per uur kan ontladen, redt het niet als de inductieplaat en de oven tegelijk aanstaan.
Pas als je deze drie cijfers in beeld hebt - jaarverbruik, avondaandeel en piekvermogen - heeft het zin om een capaciteit te kiezen. In de volgende sectie koppelen we die getallen aan concrete bandbreedtes.
De rol van zonnepanelen in de capaciteitskeuze
Een thuisbatterij zonder zonnepanelen is als een vat zonder bron: technisch mogelijk, maar zelden rendabel. De koppeling tussen je PV-installatie en je opslagcapaciteit bepaalt grotendeels of een batterij financieel hout snijdt. En dat begint bij begrijpen hoeveel je panelen werkelijk opwekken, en wanneer.
Wat een paneleninstallatie oplevert
Een gemiddeld zonnepaneel produceert tegenwoordig zo'n 350 tot 400 kWh per jaar in Nederland. Vertaald naar herkenbare opstellingen:
- 10 panelen: circa 3.500 tot 4.000 kWh per jaar
- 12 panelen: circa 4.200 tot 4.800 kWh per jaar
- 14 panelen: circa 5.000 tot 5.500 kWh per jaar
- 18 panelen: circa 6.300 tot 7.200 kWh per jaar
Die jaargetallen zijn handig voor de marketing, maar voor je batterijkeuze niet de meest relevante eenheid. Wat telt is het overschot zonnepanelen opslaan op het juiste moment: stroom die je overdag opwekt en zelf niet direct verbruikt.
Rekenvoorbeeld: gezin met 14 panelen
Stel: een gezin van vier wekt met 14 panelen ruwweg 5.300 kWh per jaar op. Het jaarverbruik ligt op 3.800 kWh. Op papier lijkt er dan 1.500 kWh "over" om op te slaan of terug te leveren. Maar dat klopt niet helemaal. Van die 3.800 kWh verbruik je ongeveer 35 tot 40% direct tijdens de zonuren (zelfconsumptie zonder batterij). De overige 60-65% gebruik je 's avonds en 's nachts.
Concreet betekent dat: er is dagelijks in de zomer een overschot van 15 tot 25 kWh dat je woning uit stroomt, terwijl je 's avonds nog 6 tot 9 kWh inkoopt van het net. Precies dat avondgat is wat een batterij interessant maakt, zeker met de afbouw van de salderingsregeling waardoor teruglevering steeds minder oplevert.
Het seizoenseffect: jouw grootste rekenfout
Hier gaat het vaak mis. De opbrengst zonnepanelen per maand verschilt enorm. In juni levert een gemiddelde installatie ongeveer 550 kWh, in december zakt dat naar 80 tot 120 kWh. Een factor vier verschil. Dat betekent dat een batterij die in juli elke dag tot de rand vol zit, in januari nauwelijks meer dan een derde wordt benut.
Wie zijn capaciteit afstemt op de jaargemiddelde productie, kiest in de praktijk dus te groot. De batterij staat dan negen maanden van het jaar halfleeg, terwijl je wel voor de volle aanschaf hebt betaald. Andersom geldt: in juni heeft zelfs een ruim bemeten batterij moeite om al het overschot te bergen, simpelweg omdat de zon harder produceert dan een huishouden 's avonds nodig heeft.
De praktische conclusie
Wil je je zelfconsumptie verhogen op een manier die financieel klopt, dan stem je de capaciteit af op het dagelijks overschot in de zomer, niet op de jaarproductie. Voor een gezin met 12 tot 14 panelen en een gemiddeld avondverbruik van 6 tot 9 kWh zit de optimale bandbreedte vrijwel altijd tussen 8 en 12 kWh bruikbare capaciteit. Meer kost geld zonder dat je het rendement terugziet. Minder laat dagelijks energie weglekken naar het net, tegen een steeds lagere terugleververgoeding.
Het draait dus om de match tussen wat je panelen op een doorsnee zomerdag teveel produceren, en wat je woning die avond nog nodig heeft. Dat is de werkelijke maat voor je batterij.
Capaciteitsbandbreedte per woonsituatie
Tijd om de theorie te vertalen naar herkenbare situaties. Hieronder vind je vier veelvoorkomende profielen, elk met een eigen bandbreedte aan geadviseerde capaciteit. De getallen zijn richtlijnen, geen wetten: jouw werkelijke avondverbruik en de oriëntatie van je panelen kunnen de uitkomst beïnvloeden. Voor onafhankelijke onderbouwing van deze ranges kun je terecht bij Milieu Centraal.
Overzicht van de vier scenario's
- Scenario 1 — Tweepersoons huishouden: jaarverbruik 2.500 kWh, 8-10 zonnepanelen, geadviseerde capaciteit 5 kWh
- Scenario 2 — Gezin van vier, gasloos: jaarverbruik 3.500-4.000 kWh, 12-14 panelen, geadviseerde capaciteit 8-10 kWh
- Scenario 3 — Gezin met warmtepomp: jaarverbruik 5.500-6.500 kWh, 16-18 panelen, geadviseerde capaciteit 10-15 kWh
- Scenario 4 — Groot huishouden met warmtepomp én EV: jaarverbruik 8.000+ kWh, 20+ panelen, geadviseerde capaciteit 15-20 kWh (met nuance)
Scenario 1: tweepersoons huishouden zonder warmtepomp
Twee volwassenen, gemiddeld 2.500 kWh per jaar, een gasaansluiting voor verwarming en koken. Met 8 tot 10 panelen wek je ruwweg 3.000 tot 4.000 kWh per jaar op. Het avondverbruik blijft bescheiden: 3 tot 5 kWh op een doorsnee dag.
In dit profiel is een thuisbatterij 5 kWh meestal ruim voldoende. Je dekt het avondgat in zomer en lente comfortabel af, en in de winter draait de batterij dagelijks één cyclus mee. Een 10 kWh-systeem klinkt aantrekkelijk, maar je zou hem zelden voller dan de helft krijgen. Dat is investeren in capaciteit die stilstaat.
Scenario 2: gemiddeld gezin van vier
Vier personen, een eengezinswoning, alles draait gewoon op stroom en gas. Jaarverbruik ligt tussen 3.500 en 4.000 kWh. Met 12 tot 14 panelen produceer je 4.500 tot 5.500 kWh per jaar. Het avondverbruik schommelt rond de 6 tot 8 kWh, met pieken tijdens het koken en de wasmachine.
Hier komt een thuisbatterij voor gezin van 8 tot 10 kWh het beste uit. Je overbrugt de avond zonder bij te kopen van het net, en in het stookseizoen heb je voldoende reserve om ook de vroege ochtend te dekken. Een thuisbatterij 10 kWh is de bovengrens: zit je verbruik dichter bij 3.500 kWh, dan volstaat 8 kWh prima.
Scenario 3: gezin met warmtepomp
Vergelijkbaar huishouden, maar gasloos verwarmd via een hybride of volledig elektrische warmtepomp. Het jaarverbruik schiet omhoog naar 5.500-6.500 kWh, vooral door de winterstook. Met 16 tot 18 panelen blijft de zomeropwekking ruim, maar in januari en februari is je productie zeer beperkt terwijl je verbruik juist piekt.
Welke thuisbatterij bij warmtepomp past, hangt sterk af van de woningisolatie. Voor de meeste huishoudens in dit profiel zit de sweet spot tussen 10 en 15 kWh. Een thuisbatterij 15 kWh helpt om in voor- en najaar zonneoverschot maximaal te benutten. In de diepe winter zal zelfs die capaciteit niet voorkomen dat je netstroom inkoopt: de warmtepomp draait dan simpelweg harder dan je panelen kunnen bijhouden. Dat is geen reden om groter te kopen, het is een natuurlijke grens.
Scenario 4: groot huishouden met warmtepomp én elektrische auto
Hier wordt het interessant, en lastig. Jaarverbruik van 8.000 kWh of meer is geen uitzondering. Met 20+ panelen wek je 7.500 tot 9.000 kWh per jaar op. Op papier rechtvaardigt dat een thuisbatterij 20 kWh, maar daar zit een belangrijke kanttekening aan.
Een thuisbatterij elektrische auto-combinatie lijkt logisch: stroom opslaan en 's nachts naar de auto laden. In de praktijk is dat dubbel converteren - eerst je batterij in, dan eruit, dan de auto in - met telkens rendementsverlies. Veel efficiënter is om de EV overdag rechtstreeks op zonnestroom te laden via een slimme laadpaal die meet wat er aan overschot binnenkomt. De thuisbatterij dekt dan vooral het huishoudelijk avondverbruik en de warmtepomp.
Voor dit profiel is 15 tot 20 kWh realistisch, maar weeg eerst af of overdag laden van de auto haalbaar is in je dagritme. Werk je thuis of staat de auto vaak overdag op de oprit? Dan voldoet vaak een 15 kWh-systeem. Laadt de auto bijna altijd 's avonds? Dan kan 20 kWh of een tweede batterijmodule zinvol zijn.
De veelgemaakte fout: te groot kopen
Onder installateurs is het een bekend patroon: klanten vragen om een offerte voor 10 kWh en kiezen na het gesprek voor 15 of 20. De redenering klinkt logisch - "dan heb ik in elk geval genoeg" - maar financieel pakt het vaak verkeerd uit. Een thuisbatterij te groot kopen is een van de duurste fouten in de hele energietransitie, juist omdat het zich pas na jaren wreekt.
Het rekensommetje dat veel mensen niet maken
Stel een gezin heeft een dagelijks zonneoverschot van 8 kWh. Ze kopen een batterij van 20 kWh bruikbaar, want "die was in de aanbieding per kWh goedkoper". Wat gebeurt er feitelijk? Elke avond gaat 8 kWh erin, en die 8 kWh komt er ook weer uit. De bovenste 12 kWh wordt zelden geraakt. Op een topdag in juni misschien, maar de overige 300+ dagen van het jaar staat tweederde van de cellen ongebruikt te zijn.
Die 12 kWh is dood kapitaal. De afschrijving loopt gewoon door, de garantie tikt af in jaren én in cycli, en het aantal laadcycli per kWh ligt veel lager dan bij een goed gedimensioneerde 10 kWh-batterij. Resultaat: de terugverdientijd thuisbatterij rekt op van pakweg 9 jaar naar 14 jaar of meer. Onafhankelijke prijsindicaties en realistische terugverdientijden vind je onder andere bij de Consumentenbond.
Waarom oversizing zomers onschuldig lijkt
In juli en augustus voelt een grote batterij prettig. De zon werkt mee, je ziet het percentage stijgen, en op een paar mooie dagen krijg je hem zelfs helemaal vol. Dat is precies de denkfout. De vraag is niet of je de batterij op de zonnigste dag van het jaar nét vol krijgt. De vraag is hoeveel dagen per jaar je daadwerkelijk meer dan 60% van de capaciteit gebruikt.
Tel de wintermaanden: van eind oktober tot begin maart wekken je panelen vaak een fractie op van wat je 's avonds verbruikt. Een batterij van 20 kWh komt in die zes maanden bijna nooit boven de 30%. De oversizing batterij staat dus een half jaar grotendeels stil, terwijl je er wel rente of afschrijving op betaalt.
De stelregel die je het meeste geld bespaart
Wanneer loont thuisbatterij investering echt? Wanneer je capaciteit kiest die je 250+ dagen per jaar daadwerkelijk volledig benut. Dat is de drempel waarboven het aantal cycli hoog genoeg blijft om de aanschaf binnen de levensduur van de cellen terug te verdienen. Een rendabel kwh thuisbatterij-cijfer ontstaat door dagelijkse benutting, niet door maximale piekopslag.
Praktisch betekent dit: kies eerder iets te klein dan iets te groot. Bij twijfel tussen 10 en 15 kWh, en je dagelijks overschot ligt rond de 8 kWh, neem dan 10. De cellen die je niet koopt, hoef je ook niet terug te verdienen.
Andere factoren naast kWh die meewegen
Capaciteit krijgt in vrijwel elke offerte de meeste aandacht, maar twee batterijen met dezelfde kWh kunnen in de praktijk compleet anders presteren. Vijf specificaties die net zo zwaar wegen, en die je voor de aankoop op tafel wilt hebben.
Vermogen in kW: hoe snel kun je ontladen
Het vermogen thuisbatterij in kW bepaalt hoeveel stroom je per moment uit je batterij kunt trekken. Een batterij van 10 kWh met een continu vermogen van 2,5 kW levert je maximaal 2.500 watt tegelijk. Klinkt voldoende, tot je gelijktijdig op inductie kookt (2 kW), de wasdroger draait (2,5 kW) en de waterkoker aanstaat (2 kW). Je piekt dan boven de 6 kW en de rest wordt aangevuld vanuit het net. Voor huishoudens met piekverbruik is 5 kW continu vermogen een prettige ondergrens.
Laadcycli en kalenderlevensduur
Een laadcycli batterij-specificatie geeft aan hoeveel keer je de cellen volledig kunt laden en ontladen voordat de capaciteit merkbaar afneemt. Gangbaar zijn 6.000 tot 10.000 cycli. Bij één volle cyclus per dag praat je over 16 tot 27 jaar. Daarnaast geldt een kalenderlevensduur: cellen verouderen ook zonder gebruik. De praktische levensduur ligt voor de meeste systemen tussen de 12 en 20 jaar, afhankelijk van welk grensvlak je het eerst raakt.
Garantie op behouden capaciteit
Lees de garantie thuisbatterij niet alleen op duur (10 jaar is standaard), maar vooral op restcapaciteit. Een goede fabrikant garandeert dat de batterij na 10 jaar nog minimaal 70% van de oorspronkelijke bruikbare capaciteit levert. Sommige merken zitten op 80%. Een batterij van 10 kWh kan na een decennium dus zakken tot 7 kWh. Dat is geen defect, dat is normale degradatie. Reken er op tijd mee bij je capaciteitskeuze.
1-fase versus 3-fase aansluiting
Niet elke batterij past op elke meterkast. De meeste oudere woningen hebben een 1 fase 3 fase batterij-vraagstuk: een 1-fase aansluiting kan slechts één fase laden of ontladen, terwijl een 3-fase woning de stroom over drie fasen verdeelt. Een 1-fase batterij op een 3-fase huis werkt, maar levert alleen op die ene fase terug. Heb je een warmtepomp of laadpaal die 3-fase trekt? Dan is een 3-fase batterij vrijwel altijd de juiste keuze. Laat dit vooraf controleren door een installateur.
AC- of DC-gekoppeld aan je omvormer
Een ac dc gekoppelde batterij sluit op verschillende manieren aan op je bestaande PV-installatie. AC-gekoppeld werkt naast je huidige zonnepaneel-omvormer en is compatibel met vrijwel elk systeem - handig bij retrofit. DC-gekoppeld deelt één omvormer met de panelen, wat efficiënter is (één conversiestap minder) maar vaak alleen werkt bij nieuwbouw of vervanging van de omvormer.
Capaciteit kiezen zonder deze vijf factoren mee te wegen, is een batterij beoordelen op slechts één van de zes assen.
Stappenplan: zo bepaal je jouw capaciteit
Alle theorie uit de vorige secties komt hier samen in vijf concrete rekenstappen. Loop ze in volgorde door, dan heb je binnen een half uur een onderbouwde capaciteit op papier.
Stap 1 — Haal je jaarverbruik op. Pak de meest recente jaarafrekening van je energieleverancier, of log in op de app van je netbeheerder voor het exacte cijfer in kWh. Heb je een slimme meter, dan kun je ook een uitleesapparaat zoals HomeWizard gebruiken voor real-time data.
Stap 2 — Bereken je gemiddelde dagverbruik en avondaandeel. Deel het jaarverbruik door 365. Vermenigvuldig die uitkomst met 0,4 tot 0,5: dat is ruwweg wat je 's avonds en 's nachts gebruikt, dus buiten de zonuren. Bij 4.000 kWh per jaar kom je op zo'n 4,5 tot 5,5 kWh aan avondverbruik.
Stap 3 — Schat je dagelijks zonneoverschot in de zomer. Een paneel levert in juni gemiddeld 1,5 tot 2 kWh per dag. Vermenigvuldig met je aantal panelen en trek je directe dagverbruik eraf. Wat overblijft, is het overschot dat een batterij kan opvangen.
Stap 4 — Kies de capaciteit die je dagelijks overschot dekt. Niet meer. Zit je overschot rond 8 kWh? Dan past een bruikbare capaciteit van 8 tot 10 kWh. Groter kopen betekent cellen die structureel halfleeg blijven.
Stap 5 — Controleer vermogen, fase-aansluiting en garantievoorwaarden. Minimaal 5 kW continu vermogen, passend bij je 1- of 3-fase aansluiting, en minstens 70% restcapaciteit na 10 jaar.
Tot slot
De juiste thuisbatterij kiezen is geen kwestie van zoveel mogelijk kWh op de muur hangen, maar van rekenen aan jouw werkelijke verbruikspatroon. Een goed gedimensioneerd systeem verdient zichzelf terug; een te grote batterij laat geld in de cellen liggen. Twijfel je tussen twee bandbreedtes? Vraag een onafhankelijk adviesgesprek aan bij een installateur die zowel de techniek als jouw woonsituatie doorrekent. Bij Elite Klimaat Groep kun je daarvoor vrijblijvend terecht - wij rekenen liever vooraf dan dat je achteraf met overcapaciteit blijft zitten.
Veelgestelde vragen
Hoeveel kWh heeft een thuisbatterij nodig voor een gemiddeld huishouden?
Wat is het verschil tussen nominale en bruikbare capaciteit?
Is een grotere thuisbatterij altijd een betere keuze?
Hoe bereken ik welke capaciteit bij mijn situatie past?
Maakt het type batterijchemie uit bij de keuze op capaciteit?

Met genoegen stellen we je voor aan de eigenaar van ons duurzame bedrijf, Kaey van Gerner. Met een passie voor innovatie en een diepgewortelde toewijding aan milieubewustzijn, heeft Kaey een vooraanstaande rol ingenomen in de wereld van duurzaam ondernemen.